Risico-inventarisaties Richtlijn Arbeidsmiddelen

De Europese Richtlijn Arbeidsmiddelen is in Nederland omgezet in het Besluit Arbeidsmiddelen en is opgenomen in de Arbo-wet. Dat betekent dat werkgevers verplicht zijn hun bestaande machines aan een risicoanalyse te onderwerpen en aan de hand daarvan eventuele aanpassingen moeten verrichten. Nieuwe machines dienen te voldoen aan de veiligheidseisen van de Machinerichtlijn. De richtlijn Arbeidsmiddelen breidt de eisen op het gebied van veiligheid dus uit tot bestaande machines.

Arbeidsmiddelen en Arbo-wet

Sinds 1 januari 1997 is elke werkgever volgens de Arbo-wet verplicht om de nodige maatregelen te treffen voor de bestaande arbeidsmiddelen die gebruikt worden. Onder arbeidsmiddelen worden verstaan alle machines, apparaten, installaties en gereedschappen die gebruikt worden bij het arbeidsproces.

Risico-inventarisatie en -evaluatie

In een risico-inventarisatie moet onderzocht worden welke latente gevaren aanwezig zijn en welke risico's hieruit kunnen voortvloeien.

Bij de risico-inventarisatie wordt gekeken naar:

  • De waarschijnlijkheid dat het gevaar zich voordoet;
  • De frequentie dat een persoon aan het gevaar is blootgesteld;
  • De mogelijke gevolgen van het gevaar.

Open draaiende delen in een productie-omgeving.

Het doel van de risico-evaluatie is om te bepalen aan welke aspecten aandacht moet worden geschonken om de gevaren (en dus de ongevallen) te voorkomen. In de eerste fase wordt alle informatie verzameld die bruikbaar is voor het bepalen van de risico's, zoals tekeningen, handleidingen, onderhoudsgegevens, maar ook ongevallendata. Bij de volgende stap wordt ter plaatse met behulp van controlelijsten een lijst opgesteld met de latente gevaren en hun mogelijke gevolgen. Deze latente gevaren omvatten een breed spectrum. Onderzocht worden o.a. de gevaren die veroorzaakt kunnen worden door mechanische oorzaken (bewegende en draaiende delen), elektriciteit (aanraking van onder spanning staande delen), thermische invloeden, trillingen, ergonomie en de functionaliteit van bestaande veiligheidsvoorzieningen (eindschakelaars, afschermingen, etc.). Bij de risico-evaluatie wordt het risico bepaald dat hoort bij een geconstateerd latent gevaar.
Tenslotte wordt hiervan een rapport opgesteld met advies over de te nemen maatregelen om het gevaar weg te nemen of het risico terug te brengen. De te nemen maatregelen kunnen van technische of organisatorische aard zijn.

 
Print deze pagina